De vijf vragen

 

‘VOS/ABB moet brede en sterke organisatie blijven’

Con Smith is directeur van openbare basisschool De Kleine Beer in het Brabantse dorp Berlicum. Hij gelooft in ‘de kracht van het kapitaal’, waarmee hij de kennis, ervaring en het enthousiasme van zijn personeel bedoelt. Hij weet zeker dat hij over drie jaar, wanneer hij met pensioen gaat, een school verlaat die in alle opzichten bij de tijd is. Van de minister vraagt hij vooral rust en geen rare fratsen. Hij dringt er bij VOS/ABB op aan een brede en sterke organisatie te blijven voor de openbare en algemeen toegankelijke scholen.

Bent u tevreden met het Nederlandse onderwijs?

”Jazeker! Het is in Nederland bijvoorbeeld een groot goed dat ouders de vrijheid hebben om een school voor hun kind te kiezen. Ik ben dus blij dat er openbaar èn bijzonder onderwijs is. Ik vind het ook een goede zaak dat we niet, zoals bijvoorbeeld in Engeland wel het geval is, met een verplicht curriculum werken. Wij hebben hier veel vrijheid! Er zijn natuurlijk wel regels, maar die ervaar ik niet als knellend. Je moet daar creatief mee omgaan. Lumpsum, daar ben ik ook blij mee. Nu kunnen we ook creatief met geld omgaan!”

Wat wilt u kwijt aan de minister?


”Breng rust in het onderwijs! Dat geldt ook voor staatssecretaris Dijksma. Nu weer die extra aandacht voor taal en rekenen, terwijl het op 90 procent van de scholen gewoon goed gaat. Ik snap dat een nieuw kabinet wil scoren, maar loop niet achter elke hype aan. Trek ook geen geld uit voor Michael Fullan, die kwaliteitsgoeroe uit Canada. Wat je van ver haalt, is niet altijd beter. Ga vaker bij de scholen zelf langs. Expertise heb je ook dichtbij, bij ons bijvoorbeeld.”

Wat wilt u kwijt aan VOS/ABB?

”Tijdens onderhandelingen de poot stijf houden! Passend onderwijs is natuurlijk heel belangrijk, maar als er 25 miljoen in plaats van 100 miljoen voor wordt uitgetrokken, dan moet VOS/ABB duidelijk maken dat de rek eruit is. Dan moeten we het niet doen! Wat de sectorvorming betreft: VOS/ABB moet een brede en sterke organisatie blijven voor het openbaar en algemeen toegankelijk onderwijs. Wij hebben veel aan jullie! Bijvoorbeeld de Toolbox met al die instrumenten van Bé Keizer erin, en de goede berichtgeving via de website en de digitale nieuwsbrieven.”

Hoe ziet u de toekomst?

”De Kleine Beer is enkele jaren geleden begonnen met een eigen concept voor zelfsturend leren. Dat is met veel enthousiasme bottom up opgepakt, dus vooral door de leraren. Ik geloof in de kracht van ons kapitaal, de kennis en ervaring van het personeel! We hebben de leerlingen zelf verantwoordelijk gemaakt voor hun portfolio. Zo bereiden wij ze voor op hun rol in de maatschappij. Als ik over drie jaar met pensioen ga, dan weet ik zeker dat ik een school verlaat die in alle opzichten staat als een huis!”

Waarom wilt u juist hier op de foto worden gezet?

“Het digitale schoolbord is het medium van de toekomst. Je kunt ermee de wereld de klas inbrengen. Dat lukt niet met een krijtje, zeker niet als je slecht kunt tekenen, zoals ik. Maar je moet wel weten hoe je met een digibord omgaat. Je kunt er veel meer mee dan alleen klassikale instructie. De leerlingen kunnen er bijvoorbeeld powerpointpresentaties mee laten zien voor hun werkstuk. Digitale borden zijn net zo belangrijk als computers in de klas, zeker als je kinderen zelfsturend wilt laten leren en mediawijs wilt maken.”

Openbare basisschool De Kleine Beer in Berlicum heeft op www.watjevanberenlerenkan.nl een eigen digitale leeromgeving. De rol van ict en digitale schoolborden in het onderwijs van De Kleine Beer was op woensdag 14 november onderwerp van een reportage in het Radio 1-programma ‘Dingen die gebeuren’ van de KRO. Deze reportage kan worden beluisterd op www.dingendiegebeuren.kro.nl


Martin van den Bogaerdt