Het debat

’Meer vrouwen, minder vakkennis’


De feminisering van het primair onderwijs leidt tot een vakinhoudelijke verschraling. Dat stelt hoofddocent Gerda Geerdink van de pabo van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. Ze is in november aan de Radboud Universiteit in Nijmegen gepromoveerd op haar proefschrift ‘Diversiteit op de pabo. Sekseverschillen in motivatie, curriculumperceptie en studieresultaten’. Diepte-interviews met pabo-studenten vormden de basis van haar onderzoek.

”Mannen die voor de klas staan, halen de wereld de school in. Zij vinden vakken als aardrijkskunde, geschiedenis, biologie en natuurkunde interessant. Mannen leggen ook meer nadruk op de zakelijke kant. Vrouwen zijn meer naar binnen gericht. Zij willen vooral dat het gezellig is in de klas, dat de sfeer goed is. Ze zijn meer op mensen gericht, willen hun leerlingen meer begrijpen. Het is net als in een gezin, waar vader en moeder ook ieder hun eigen rol hebben”, aldus Geerdink.
Ze realiseert zich dat ze met deze uitspraken generaliseert, maar ze zegt ook dat ze hiermee een goed beeld van de realiteit geeft, zeker na de diepte-interviews met zowel mannelijke als vrouwelijke pabo-studenten. “Dat seksespecifiek denken is misschien ouderwets, maar het speelt nog steeds.”
Ze wil benadrukken dat het niet haar bedoeling is om de vrouwelijke leerkrachten in het primair onderwijs in een negatief daglicht te plaatsen. “Echt, ik ben overtuigd feminist! Maar ik ben ook historicus, en ik schrik ervan als ik van vrouwen hoor dat ze niet zoveel met geschiedenis op hebben, of dat ze op de pabo zitten omdat ze later ‘iets’ met kinderen willen doen. Onderwijs wordt voor leerlingen pas interessant als ze een bevlogen leraar hebben die goed lesgeeft. Je moet dus plezier hebben in verschillende vakken.”


Minder vrouwelijke vrouwen
”Het is natuurlijk wel erg moeilijk om in 14 vakken tegelijk bevlogen te zijn. Wellicht is het mogelijk om bepaalde vakken over verschillende leraren te verdelen. Rekenen en taal, de instrumentele vakken, moet natuurlijk iedereen in het po kunnen geven, maar als er een leerkracht is die aardrijkskunde heel leuk vindt, dan kan hij of zij dat vak in verschillende klassen geven, terwijl iemand anders bijvoorbeeld biologie doet of muziek.”
Dit kan volgens Geerdink ook een positief effect hebben op het bètagericht onderwijs in de basisscholen. “Ik denk zeker dat de feminisering ertoe heeft geleid dat er te weinig aandacht is voor techniek. Techneutjes in de dop worden nu veel te weinig geprikkeld.”
Om de vakinhoudelijke verschraling te keren, zouden de pabo’s volgens haar meer ‘minder vrouwelijke’ studenten moet aantrekken. “Meer diversiteit, dat is heel belangrijk. Wij krijgen nu vooral meisjes binnen die niet zo carrièregericht zijn. Ze willen zich later vooral goed voelen in hun werk en hebben niet meer de drive dat ze met goed onderwijs en kennisoverdracht ervoor willen zorgen dat kinderen het later beter krijgen.”
De tv-actualiteitenrubriek Netwerk besteedde op 19 november aandacht aan de feminisering van de pabo. De reportage, waarin onder anderen Gerda Geerdink aan het woord kwam, is nog te zien in het digitale archief op www.netwerk.tv

 

Wat is uw mening over de feminisering van het primair onderwijs? Debatteer mee en vul de poll in op www.vosabb.nl